Dat er een muur op de grens tussen Palestina en Israël staat wist ik. Maar toen ik twee weken lang door het Beloofde Land reisde had ik geen muur van tien meter hoog verwacht. Bebouwd met prikkeldraad, raketafweersystemen en wachttorens is dit meer dan zomaar een muur. Het Israël-Palestina conflict kent meerdere gezichten, maar waarom staat die muur daar en hoe gaat het leven door aan weerszijden van dit immense betonblok?

De grote vraag in dit conflict is: wie heeft er recht op land? Toen dit gebied na de Eerste Wereldoorlog verdeeld werd, kwam het onder Brits mandaat te staan. In die tijd kwam een grote stroom van Zionistische Joden naar het Beloofde Land, wat leidde tot ongeregeldheden met de lokale bewoners. De Verenigde Naties (VN) probeerden in 1947 met te komen: het grondbied zou verdeeld worden naar het aantal inwoners. De Joden stemden in met het verdelingsplan van de VN, maar de Palestijnen wezen dit af omdat het geen eerlijke verdeling was.

Nadat de Britten in 1948 vertrokken, riepen de Joodse kolonisten hun eigen staat uit. Binnen 24 uur stond Israël op de kaart, tot ongenoegen van de omliggende landen. Palestina – bestaande uit de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever – kwam tijdens de laatste oorlog onder militaire controle te staan en de laatstgenoemde staat dat vandaag de dag nog steeds. Volgens VN-resoluties moet Israël zich volledig terugtrekken uit het gebied, maar in plaats daarvan sluit het Palestina in met een muur en bouwen ze Joodse nederzettingen op Palestijns grondgebied. Dat de militaire controle niet te ontlopen is, wordt goed zichtbaar bij de grenzen. Betonnen muren en hekwerken met een omvang van 750 kilometer en een hoogte variërende van zes tot tien meter kronkelen voort op de grens, maar ook verder landinwaarts en zorgt zo voor veel verdeeldheid.

bethlehem.jpg 2

‘Hoe zou jij het doen?’

Bij de vraag wat zij van de muur vonden, kaatsten verschillende Israëliërs een vraag terug, in plaats van een antwoord te geven. ‘Na de zoveelste aanslag wil je dat het stopt. Hoe houd je zoiets tegen?’ Een specifieke oplossing hadden we niet. Bij gebrek aan een beter alternatief vond mijn couchsurfhost Asaf de muur daarom een geoorloofde manier om doden en gewonden tegen te gaan. ‘Natuurlijk zijn er ook onschuldige mensen die hier last van ondervinden, maar je moet iets’, zei hij toen er een stilte viel. Op de vraag of hij ooit, buiten zijn dienstplicht om, in Palestina is geweest krijg ik een verbaasde blik: ‘Nee, dat is veel te gevaarlijk, een Israëli herkennen ze meteen.’ Dit antwoord leek veel op wat andere Israëliërs ook vertelden.

Dit beaamt ook journalist en antropoloog Joris Luyendijk in zijn boek Het zijn net mensen, waarin hij onder andere verteld over de onwetendheid van alledaagse mensen over inwoners van andere gebieden. Zij baseren hun kennis enkel op het nieuws en  ‘iets is nieuws wanneer het afwijkt van de norm, maar doordat we alleen afwijkingen zien, worden deze vaak aangenomen voor de norm.’ Het gewone leven van de Palestijnen blijft dus buiten beeld van de meeste Israëliërs en het zicht wordt hen inmiddels ontnomen door een metershoge muur. Dit zal niet helpen met het neutraliseren van het beeld dat het nieuws veelal creëert.

‘Het zijn bange dieven’

Tijdens een busrit in de Westelijke Jordaanoever werd ons gevraagd of we bezwaar hadden tegen het nemen van een omweg. Naast mij zat een jonge vrouw die problemen ondervond bij een checkpoint op onze oorspronkelijke route. Ze vertelt over de wijken die we passeren. Hoe we vluchtelingenwijken kunnen herkennen aan de watertanks op de daken, hoe de Joodse nederzettingen bewaakt worden door het leger en zich steeds verder uitbreiden op Palestijns gebied. Bij een compliment over haar goede Engels vertelt ze: ‘Er heerst zo’n verkeerd beeld van Palestijnen, dat wil ik veranderen. Palestijnen zijn gastvrij en veelal hoogopgeleid.’ Door de muur is het echter voor veel studenten moeilijk om door te studeren, omdat ze niet de juiste papieren hebben of omdat ze ver moeten omreizen via een checkpoint.

bethlehem

Tijdens een tour in Bethlehem vertelt onze gids Nir ook over de checkpoints en het geweld dat Israëlische soldaten gebruiken tegen Palestijnen. We staan op de plek waar een dertienjarig jongetje voor de ingang van zijn school is neergeschoten door een Israëlische scherpschutter, als Nir vertelt over de metershoge muur waar we naast staan. ‘De Israëliërs zijn dieven van het Palestijnse land en dieven zijn altijd bang om betrapt te worden.’ Hij doelt op de ‘openluchtgevangenis’ die de muur voor de Palestijnen creëert en het vertekende beeld dat de media volgens hem vertellen.

Op de vraag of de muur een oplossing biedt zegt Nir: ‘Nee de muur biedt geen oplossing, een democratische staat doet dat. Maar gerechtigheid heeft tijd nodig en het zal zeker niet van de ene op de andere dag gaan.’ Het lastige is alleen dat geen van de gesproken personen, Israëliër noch Palestijn, een goed alternatief heeft voor de muur. Mensen leven in het nu: wat voor Israëliers ‘bescherming’ is, beschouwen Palestijnen als een vorm van ‘overleven’. Dit Beloofde stukje Land is al lange tijd een bron van verdeeldheid die door de muur wellicht alleen verder wordt aangewakkerd.


Wegens privacy redenen zijn de namen in dit artikel veranderd. Het artikel is oorspronkelijk geschreven voor Tijdschrift Cul.