Met mijn blik gefocust op de heldere sterrenhemel kruip ik nog eens extra diep onder de wol. Ik staar door het dakraam boven me. Die flikkerende lichtpuntjes hebben mij altijd al gefascineerd. Ik twijfel, heb ik dan toch de verkeerde studie gekozen? Had ik, in plaats van antropologie, mijn jongensdroom moeten najagen en astronaut moeten worden? 

Daar onder dat dakraam realiseerde ik me eens te meer hoe bijzonder de wereld en alles daar omheen eigenlijk is. Buiten vriest het en ik lig in een bed van warmte. Een gat van één bij één biedt mij een raamwerk voor miljarden vierkante kilometers uit het verleden. Gezichtsbedrog dat ik pure schoonheid noem. Die tientallen vonkelende stippen in de duisternis zijn nu niet meer zoals wij ze waarnemen. Voordat hun licht onze ogen bereikt, zijn er veranderingen in gang gezet die wij alleen in de toekomst kunnen waarnemen – mits we goed kijken. Dat goed kijken wordt alleen steeds moeilijker. Licht uit ons heden ontneemt ons vaak het zicht op een kijkje in het verleden.

Credits: Valentijn Bakker @TinyDoodles

Credits: Valentijn Bakker @TinyDoodles

Mijn gedachte dwalen af naar plaatsen waar ik dezelfde – zij het een net iets andere – sterrenhemel ook zo helder heb gezien.
In Laos, ten midden van de Nam Ha jungle. Langzaam maar zeker kwam de jungle om mij heen tot leven en overstemde het achtergrondgeluid van de tsjirpende krekels. We sliepen in een boomhut en een zestal ogen keek over de bomen naar de heldere hemel. ‘Zou er leven zijn daarboven?’ vroeg een van ons. Een nachtelijke discussie volgde.

Of die keer dat ik met mijn toen 5-jarige broertje op de arm door het dakraam naar de sterren keek. ‘Kijk’ zei hij, ‘daar is Daisy’. Zouden dieren die overlijden echt een ster in de hemel worden, zoals wij mijn broertje hadden verteld bij het overlijden van mijn kat?

En dan nog die vele nachten in de bergen van Nepal. Tijdens de gereguleerde powercuts schenen wij met een zaklamp op een kaart van de Melkweg en probeerden we sterrenbeelden te ontrafelen in de twinkelende massa boven ons. Ooit gebruikten kapiteins en andere reizigers deze mappen om de weg terug naar hun geliefde te vinden.

Credits: Valentijn Bakker @TinyDoodles

Credits: Valentijn Bakker @TinyDoodles

Nu, een paar honderd jaar later dan deze ontdekkingsreizigers, hielp mijn geliefde mij abrupt uit mijn nachtelijke dagdroom door het licht in onze slaapkamer aan te zetten. Ik zag voor eventjes niets anders dat de twinkeling van mijn eigen ogen die terug staarden in de reflectie van het dakraam. Ik deed het rolluik dicht en kroop terug in bed. Nee, ik heb niet de verkeerde studie gekozen. Ooit, ooit maken we kennis met de Mannetjes van Mars of Le petit Prince en dan hebben ze mij als antropoloog nodig hen te begrijpen. Tot die tijd blijf ik dromen over de toekomst, terwijl het licht uit het verleden over mij waakt.


Deze column is oorspronkelijk geschreven voor de website van Antropologisch Tijdschrift Cul.  
N
eem een kijkje voor meer interessante colums en artikelen!